Basisonderwijs  
Taalpilots
Burcht Rietheim in Oost-Souburg

BAVI-lezen werkt
Komend schooljaar begint het project “Meer taalkansen voor Zeeuwse kinderen” op de christelijke basisschool Burcht-Rietheim in Oost-Souburg, gemeente Vlissingen. De school telt ongeveer 350 leerlingen. De helft daarvan bestaat uit kinderen uit autochtone gezinnen met laagopgeleide ouders. Ook zijn er steeds meer leerlingen van allochtone afkomst. De taalcoördinator van de school is tevens intern begeleider. De school heeft ook een locatie in het kleinere Ritthem.

In het schooljaar 2004-2005 startte de school als zogenoemde volgschool met deelname aan Kansen aan Zee. Technisch lezen was het speerpunt. ‘We hebben een nieuwe methode aangeschaft, Leeslijn. Daarmee zijn we gestart in groep 3’, vertelt ib-er en taalcoördinator Thea van Maldegem. ‘Ook zijn we gaan kijken naar de voorbereiding op het lezen: wat gebeurt er in de kleutergroepen op dat gebied. En we vonden het belangrijk dat kinderen plezier hebben in lezen. Daarom hebben we het BAVI-lezen*) ingevoerd.’ Het resultaat was bemoedigend. Volgens de scores van het CED**) en het leerlingvolgsysteem werd er vooruitgang geboekt. Groep 5 start dit jaar met Leeslijn. Er is nieuw materiaal aangeschaft, en ook wordt er ‘plus’-materiaal aangeschaft voor de bovenbouw.

LISBO
Naast het invoeren van Leeslijn wil Van Maldegem ook aan de slag met LISBO. Via een collega in Zierikzee maakte ze kennis met deze methode van CED-leesspecialist Ed Koekebacker. ‘Ik ben daar erg enthousiast over’, vertelt Van Maldegem. ‘Deze methode is voor het speciaal basisonderwijs ontworpen, dus we moeten kijken hoe we dat kunnen vertalen naar het regulier onderwijs.’ Het is ook de vraag of we dit uit het budget van “Meer taalkansen voor Zeeuwse kinderen” kunnen betalen. “Meer taalkansen voor Zeeuwse kinderen” is het nieuwe project, dat van 2006-2010 zal lopen. ‘Zo niet, dan moeten we als school dit op een andere manier financieren.’

Plan
‘Het schooljaar 2007-2008 starten we met de taalpilot “Meer taalkansen voor Zeeuwse kinderen”,  vertelt Van Maldegem. ‘Dat is een nieuw project, dat tot 2010 loopt.’

Begrijpend lezen
‘Bij de overgang van groep 5 naar groep 6 zie je het lezen achteruitgaan, zowel het technisch lezen als het begrijpend lezen’, zegt Van Maldegem. ‘Logisch, want deze kinderen hebben niet geprofiteerd van het nieuwe leesbeleid. Daarom hebben we voor het nieuwe projectplan “Meer taalkansen voor Zeeuwse kinderen gekozen voor het verbeteren van het begrijpend lezen.’ Onder begeleiding van de regionale schoolbegeleidingsdienst RPCZ wordt hiervoor nu een nieuw beleidsplan opgesteld.
Een onderdeel van dit plan is om samen met een college van de werkgroep Wereldoriëntatie te kijken of begrijpend lezen in WO is te integreren. ‘Dat levert een bredere kijk op begrijpend lezen op.’ Het totale plan wordt in juni met het team besproken. ‘Dan gaan we de inbreng van de teamleden verwerken en dan kunnen we na de zomer starten met het nieuwe taalbeleid.’

Toetsen
‘We zijn door allerlei oorzaken laat van start gegaan, dus er zijn nog niet echt ervaringen te melden. Wat we wel afgelopen schooljaar hebben gedaan, is het opnieuw bekijken van toetsen. Wij gebruikten bijvoorbeeld entree-toetsen, maar daar kan het CED niet mee uit de voeten. Dan zouden we én entree-toetsen én de gebruikelijke Citotoetsen aan het eind van het schooljaar moeten afnemen. Dat is een beetje veel, je blijft toetsen, je krijgt meerl informatie dan je kan gebruiken.’

Schoolontwikkeling
Mede doordat de school deel heeft genomen aan Kansen aan Zee heeft het lerarenteam zich verder ontwikkeld. ‘Het BAVI-lezen is bijvoorbeeld een groot succes, de leerkrachten merken meteen dat het werkt. Dat is erg stimulerend’, vertelt Van Maldegem. ‘Daarnaast is ook het bewustzijn gegroeid dat het belangrijk is bij de kleuters te beginnen, met auditieve discriminatie, visuele discriminatie, luisteren. De collega’s zien de effecten van hun werk.’ Daarnaast constateert Van Maldegem dat het zelfbewustzijn van de leraren is toegenomen. ‘De collega’s gaan meepraten, ontwikkelen een visie op taalonderwijs. Zo is er bij ons nu een discussie gaande over de integratie van WO en begrijpend lezen.’

Ouders
De school informeert de ouders via de schoolgids over de manier waarop het begrijpend lezen wordt aangepakt. ‘We betrekken de ouders ook bij het BAVI-lezen. Die zijn erg enthousiast, en natuurlijk schakelen we hen in als leesmoeders.’

Groei
Een knelpunt is de huisvesting van de school. De lerarenkamer is in gebruik als computerlokaal en in gangen en nissen wordt met kleine groepjes gedifferentieerd. ‘We hebben enorm ruimtetekort’, zegt van Maldegem. ‘Het aantal leerlingen neemt toe, en de  werkwijze die we nu hanteren vraagt om een andere indeling van je school. We zitten zelfs met een groepje op het podium in de aula.’

Training
Een ander knelpunt  ziet Van Maldegem bij de scholing van de leerkrachten. Training en scholing moet vooral in de eigen tijd plaatsvinden. ‘Zelf ben ik uit de kleine kinderen, dus heb ik weer wat meer tijd’, zegt Van Maldegem. ‘Maar ik combineer het taalcoördinatorschap met het ib-schap en eigenlijk is dat teveel. Het is ook niet goed dat ik de enige taalcoördinator ben. Een project als dit is hard werken. Eigenlijk zouden leerkrachten vrij moeten krijgen om zich te scholen.’

*) BAVI-lezen is een leesmethodiek met als doel kinderen te leren een boek te ‘beleven’ en dus te begrijpen.
**) De Taalkansenscholen in Zeeland zijn aangesloten bij de CED-Toetsservice.


Pilots Taalbeleid Onderwijsachterstanden, 23 mei 2007
© Projectbureau Kwaliteit | Disclaimer | Contact