Emmausschool in Rotterdam
Emmausschool wint Mommersprijs 2011
De Emmausschool in Rotterdam heeft de Mommersprijs 2011 gewonnen voor het beste leesonderwijs. De prijs bestaat uit een beeldje en een bedrag van 10.000 euro. De school kreeg de prijs doordat niet alleen de leerlingresultaten worden bijgehouden, maar ook structureel de leerkrachtvaardigheden worden gemonitord.
"Van 2007 tot 2010 namen we deel aan de Pilots Taalbeleid Onderwijsachterstanden", vertelt Pim Geurts, adjunct-directeur van de Emmausschool. "Daarbij hebben we ingezet op woordenschat en begrijpend lezen. Om de leerkrachtvaardigheden te verbeteren hebben we structureel audits gehouden. De eerste jaren ging het daarbij vooral om woordenschat en begrijpend lezen. Nu houden we twee keer per jaar een integrale audit. Woordenschat en begrijpend lezen zijn daarbij een onderdeel."
Streefdoel De resultaten van de leerlingen zijn gedurende de taalpilotjaren steeds verder omhoog gegaan. "Ons streefdoel is 75 procent A/B/C bij begrijpend lezen, we zitten nu op 69 procent. Met woordenschat gaat het langzamer, dat is nu 50 procent." Ook het technisch lezen gaat vooruit. "Afgelopen schooljaar hadden we eind groep 3 negentig procent van de leerlingen op niveau E3."
Nieuwe leerkrachten Nieuwe leerkrachten op de Emmausschool krijgen een training in basisvaardigheden resultaatgericht onderwijs. "We hebben een school met heel veel achterstandsleerlingen", zegt Pim Geurts. "Dat vergt extra scholing. We voeren een strak en consequent taalbeleid. Dat is onze succesformule."
Schoolbibliotheek De school gaat de prijs besteden aan de schoolbibliotheek. Pim Geurts: "We gaan de bibliotheek fors uitbreiden, onder meer met prentenboeken. We willen ouders meer betrekken bij het leesonderwijs door hen uit prentenboeken te laten voorlezen."
Excellent onderwijs De Mommersprijs is een tweejaarlijkse prijs die wordt uitgereikt aan een school die excellent onderwijs op het gebied van taal en lezen combineert met uitstekende leerlingresultaten. De Mommersprijs 2011 werd 31 januari uitgereikt in het Jaarbeursgebouw in Utrecht.
De Roombeekschool uit Enschede (ook een taalpilotschool) en basisschool De Wyngert uit Drachtstercompagnie ontvingen de tweede en de derde prijs.
Persbericht uitreiking Mommersprijs 2011
[PDF
62 Kb
]
Juryrapport Mommersprijs 2011
[PDF
71 Kb
]
Audits van de Emmausschool
Audit Begrijpend Lezen algemeen
[-
1944 Kb
]
Audit Begrijpend Luisteren groep 3
[-
1953 Kb
]
Audit Fonemisch bewustzijn
[-
1943 Kb
]
Audit Interactief Voorlezen
[-
1941 Kb
]
Audit Nieuwsbegrip
[-
1969 Kb
]
Audit Samen Beter Lezen Ralfi
[-
1960 Kb
]
Audit Woordenschatuitbreiding groep 1 en 2
[-
2128 Kb
]
Audit Woordenschatuitbreiding groep 3-8
[-
2135 Kb
]
Fonemisch bewustzijn 2007-2008
[-
1943 Kb
]
Fonemisch bewustzijn 2008-2010
[-
1946 Kb
]
Aanvankelijk technisch lezen
[-
1944 Kb
]
Begrijpend lezen [met methode]
[-
1958 Kb
]
Op hoog niveau uitkomen
De Emmausschool in Rotterdam is een ‘zwarte’ school met circa 440 leerlingen. Door te werken met 'audits' brengt de school de kwaliteit van het taalleesonderwijs omhoog.
Michel van der Linden is in het kader van het Onderwijskansenplan opgeleid tot taalcoördinator. Daarnaast is hij ook de ict-coördinator van de school en door het CPS opgeleid als interne coach. Ook heeft hij personele taken zoals functioneringsgesprekken. ‘Voor het uitvoeren van taalbeleid heb ik twee dagen in de week. In ons activiteitenplan 2007-2011 is dit beleid uitgewerkt in de volgorde adoptie, implementatie, incorporatie. Per maand heb ik uitgeschreven wat er precies gebeurt op het niveau van de leerling, de leerkracht, het onderwijsteam en de directie.’
Audits Om de leerkrachtvaardigheden te verbeteren, neemt Michel van der Linden audits af. Op basis van gesprekken met specialisten is precies beschreven welke handelingen een leerkracht uit moet voeren en welke vaardigheden hij of zij moet beheersen. Daarbij zijn de uitgangspunten en strategieën van taal/leesspecialist Kees Vernooy de maatstaf. ‘De vaardigheden die nodig zijn bespreken we met die leerkracht. De leerkracht kan zo nodig ook worden begeleid door een coach. Vervolgens gaan we achterin de klas zitten om de leerkrachten te observeren, en geven we feedback.’
Begrijpend lezen ‘Bijvoorbeeld bij begrijpend lezen. Daarbij letten we op hoe de leerkracht omgaat met het aanleren van leesstrategieën. Wat we scoren is bijvoorbeeld: Gaat de leerkracht na of alle leerlingen vlot kunnen decoderen? Heeft de leerkracht de moeilijke woorden geïnvestariseerd? Geeft de leerkracht een terugblik van de voorgaande stof? Worden er verwachtingen gewekt? Laat de leerkracht de kinderen voorspellingen doen? Daarna volgt het doordringen in de tekst: de leerlingen lezen zelf of de leerkacht leest voor. We gaan na of de leerkracht vragen stelt, bijvoorbeeld over middel-doel of oorzaak-gevolg. Tenslotte moet er ruimte zijn voor reflecteren: terugkomen op de verwachtingen, het geven van een korte samenvatting. Op deze activiteiten letten we onder meer.’
Leerproces Het gaat erom dat collega’s inzien dat het noodzakelijk is om taal- en leesonderwijs systematisch aan te pakken, vindt Michel van der Linden. ‘Sommige leerkrachten beheersen de vaardigheden al. De leerkrachten van groep 1 en 2 zijn bijvoorbeeld al ver met fonemisch bewustzijn. Leerkachten die net van de pabo komen hebben op dit gebied veel geleerd. Oudere leerkrachten moeten worden bijgespijkerd, die zijn niet expliciet hierin getraind. En sommigen kennen de theorie, maar passen die niet altijd toe.’ Het is ook een leerproces: niemand hoeft alles meteen te kunnen. ‘In het eerste en tweede jaar van de audit denkt de leerkracht mee en beslist mee met welke vaardigheden hij of zij aan de slag gaat. In het laatste jaar moet je laten zien wat je beheerst.’ Ook verschillen de vereiste vaardigheden per groep. Zo is de audit voor fonemisch bewustzijn alleen van toepassing voor de leerkrachten van groep 1 en 2, aanvankelijk lezen in groep 3 en 4, en begrijpend lezen vanaf groep 4. ‘We beschrijven inhoudelijk wat er moet gebeuren. Een leerkracht die van groep wisselt, moet wel weten wat er verwacht wordt.’
Motivering ‘In de periode dat de school meedeed met het Onderwijskansenplan is het niveau van ons onderwijs vooruitgegaan. De leerkrachten zijn verder geprofessionaliseerd in een aantal vaardigheden. Bijvoorbeeld directe instructie, het structuur aanbrengen in een les, gerichte handeling, de verhouding instructietijd – verwerkingstijd.‘ Voor de leerkracht waren vooral de eerste twee jaar van het Onderwijskansenplan zwaar. ‘Maar het niveau is door die impuls zo vooruitgegaan, dat de meesten erg enthousiast zijn geworden. De collega’s worden ook goed begeleid.’
Inspiratie Zelf haalt Van der Linden zijn inspiratie uit de overleggen met de directie, de ib-ers en de specialisten. ‘Bijvoorbeeld de leraar van de schakelklas. Hier komen kinderen binnen die absoluut beginner zijn in de Nederlandse taal. Die moeten aanspreekbaar worden gemaakt en op een niveau gebracht dat ze in de reguliere klassen kunnen meedraaien. De vaardigheden die daarvoor nodig brengen we in kaart in de audits. Dat zijn inspirerende overlegmomenten.’
Ambitieus In september organiseert de school een kick off voor het team. ‘Dan blikken we terug op de resultaten, laten we zien hoe de school ervoor staat volgens de monitor van de Emmausschool. En vervolgens lanceren we de plannen die we hebben voor woordenschatontwikkeling en begrijpend lezen.’ De plannen zijn ambitieus. Alle leerkrachten moeten in vier jaar tachtig procent voldoende scoren op de audits. Michel van der Linden: ‘Bij het Onderwijskansenplan stelden we onze doelen ook hoog. We zijn een heel eind gekomen. Natuurlijk moet je tussentijds soms bijstellen, maar als je op een hoog niveau wilt uitkomen moet je hoge doelen stellen.’
Tijd Michel van der Linden staat er daarbij niet alleen voor. ‘Ook de ib-ers nemen audits af en kunnen leerkrachten coachen. Daarnaast ben ik bezig twee collega’s op te leiden in het afnemen van audits.’ Een knelpunt ziet Van der Linden wel: tijd. ‘Als een leerkracht uitvalt wegens ziekte, kan er een audit niet doorgaan. Dat kan vertraging opleveren. En twee dagen in de week is eigenlijk te weinig voor een school van deze omvang.’
Netwerken Als taalcoördinator stelt Van der Linden prijs op contact met andere taalcoördinatoren. ‘Ik heb begrepen dat er in Rotterdam een netwerk wordt georganiseerd voor taalcoördinatoren. Daar zou ik erg voor zijn, het lijkt me goed om ervaringen te kunnen uitwisselen, informatie op te kunnen doen, en je aanpak te kunnen toetsen aan de ideeën van anderen. En mogelijk kunnen we ook een keer een expert als Kees Vernooy hiernaartoe halen voor een conferentie over taal.’
Pilots Taalbeleid Onderwijsachterstanden, 25 juni 2007
|