Basisonderwijs  
Taalpilots
OBS De Goudvink in Hoogeveen

‘Wij zijn vooral praktisch bezig’
Openbare basisschool De Goudvink is een van de tien pilotscholen in Hoogeveen. Het is een jonge school: vijf jaar geleden opende de locatie met zeven leerlingen. Inmiddels zijn er 140 leerlingen. Woordenschatontwikkeling is nu het belangrijkste speerpunt.

‘In deze wijk wonen veel anderstaligen’, vertelt Nicolet ten Kate, leerkracht van groep 3 en taalcoördinator (in opleiding) van De Goudvink. ‘Taalbeleid is daarom belangrijk op deze school.’ De school is snel gegroeid. ‘We zitten in een oud schoolgebouw, samen met andere instellingen. Langzamerhand nemen we steeds meer plaats in. Er zijn nu aparte groepen 1, 2, 3 en 4. De groepen 5 en 6 zitten nog bij elkaar, en 7 en 8 ook.’

Pre-teaching
Op de school is het kind het uitgangpunt. In alle groepen wordt gedifferentieerd, zo nodig worden achterblijvers geholpen met pre-teaching. ‘We werken met beredeneerd aanbod in de groepen 1 tot en met 4’, vertelt Nicolet. ‘Dat betekent dat je niets zomaar doet. Je werkt vanuit doelen, en je gaat uit van het kind.’ Het werken met beredeneerd aanbod wordt begeleid vanuit de educatieve dienst IJsselgroep.

Woordenschat
De school heeft als eerste prioriteit  het verbeteren van de woordenschat. ‘We hebben onder andere het boek van Met woorden in de weer, en daarmee zijn we nu aan de slag. We werken in de klas met bijvoorbeeld een woordweb, we labellen woorden, en we praten er veel over binnen het team. We bekijken wat je nog meer kunt doen.’ Eén van de door de IJsselgroep georganiseerde studiemiddagen had ‘woordenschat’ als thema. ‘Daar hebben we over de theorie erachter gepraat, en ideeën uitgewisseld.’ Het team maakt afspraken, bijvoorbeeld om een ‘woordparachute’ uit te proberen. ‘Ik loop rond en kijk of het werkt. En ik geef tips, als een leerkracht er moeite mee heeft de aanpak uit te voeren. Het  staat iedere keer op de agenda, we bespreken hoe het gaat. ’ De tijd die wordt uitgetrokken voor taal is toegenomen, zegt Nicolet. ‘Ik ben ook bezig er een schema voor te maken.’

Toets
Woordenschat wordt op dit moment niet getoetst. ‘De gemeente Hoogeveen gaat de nieuwe citotoets woordenschat aanschaffen. Dat willen we graag, we willen een nulmeting hebben. Dat kunnen we onze doelen vaststellen. Op dit moment verzamel ik wel gegevens.’ 

Taalcoördinator
Nicolet volgt de cursus taalcoördinator bij educatieve dienst ECNO, samen met haar collega’s van de andere Hoogeveense pilotscholen. ‘Op onze school moet alles nog vorm krijgen, omdat we nog maar kort bestaan. We kunnen het dus op onze eigen manier aanpakken. Op dit moment ben ik bezig een taalbeleidplan te maken, samen met ECNO en de locatieleider.’ De cursus bestaat uit acht bijeenkomsten per jaar, gedurende drie jaar. Het eerste cursusjaar analyseert de taalcoördinator het taalbeleid van de school, schrijft een taalbeleidplan en informeert en stimuleert het team. Woordenschat staat centraal, met daarnaast technisch en begrijpend lezen. In het tweede cursusjaar wordt naast het woordenschatonderwijs de focus gericht op het aanvankelijk en technisch lezen, en is er aandacht voor de ouders. Nicolet: ‘Daar zijn we op dit moment nog weinig mee bezig, maar dat komt eraan.’ Het laatste jaar wordt er vooral ingezoomd op het integreren van taalonderwijs in de wereldoriëntatie.

Netwerk
De taalcoördinatoren in Hoogeveen vormen een netwerk, waarin zij hun ervaringen kunnen uitwisselen. ‘Op alle scholen gaat het weer anders’, zegt Nicolet. Sommige scholen zijn veel aan het uitzoeken, zijn erg gericht op het plan, en wij zijn vooral praktisch bezig.’

Gedifferentieerd
Zelf staat Nicolet als groepsleerkracht in groep 3. ‘Ik werk met Veilig Leren Lezen, groep 4 met Estafette. Kinderen die bij mij al op (een hoog) AVI-niveau zitten, kunnen meedoen met bijvoorbeeld groep 4. Omgekeerd kunnen ook kinderen uit bijvoorbeeld groep 4 bij mij komen meedraaien. Omdat we gewend zijn gedifferentieerd te werken, ook met andere vakken, kan dat heel goed.’ Wij werken klassendoorbrekend.

Succes
Factoren die het taalonderwijs op de Goudvink tot een succes maken, zijn volgens Nicolet ten Kate pre-teaching, beredeneerd aanbod en differentiatie per kind. ‘We zijn heel goed in het op maat werken.’ Daarnaast is een goede methode heel belangrijk. ‘En dat deze goed gehanteerd wordt! Ik werk met Veilig Leren Lezen ook met niveaus, dat gebeurt lang niet altijd, en dan is het effect minder groot.’ En tenslotte is de inzet van het team van cruciaal belang. ‘Tijdens de cursus hoor je hoe moeilijk het kan zijn. Op de Goudvink zijn alle teamleden enthousiast. Iedereen is positief, bedenkt nieuwe invalshoeken, het leeft echt in de school.’

Pilots Taalbeleid Onderwijsachterstanden 18 maart 2008


© Projectbureau Kwaliteit | Disclaimer | Contact