Studiedag De Zwerm, 5 november 2008
Begrijpend lezen en omgaan met toetsgegevens centraal op studiedag De Zwerm
Ga nadenken over de invulling van begrijpend lezen en wees je ervan bewust dat je als leerkracht ertoe doet voor de leerling. Dat zijn de belangrijkste boodschappen die de teamleden van de Stichting Katholiek Onderwijs De Zwerm in Den Haag meekregen op de studiedag van 5 november 2008.
Woordenschat en vlot kunnen lezen zijn belangrijker dan leesstrategieën, houdt taalleesexpert Joop Stoeldraijer de leerkrachten van de groepen 3 tot en met 8 van SKO De Zwerm voor in zijn lezing Begrijpend lezen op De Zwermscholen. We gaan het anders doen! Beter en leuker! Hij maakt dit aanschouwelijk aan de hand van een brief van de Rabobank over de aanschaf van aandelen. Deze brief staat zo vol onbekende woorden en begrippen, dat de gemiddelde leerkracht het al snel opgeeft er iets van te begrijpen. Leesstrategieën als voorspellen en samenvatten helpen niet. Dat betekent dat leesstrategieën nauwelijks nuttig zijn.
Apart vak? Als de leesresultaten niet goed zijn, wordt er een nieuwe leesmethode aangeschaft. Maar leerkrachten verdiepen zich zelden in de handleiding. Er zijn vaak geen ervaringsgegevens beschikbaar van een methode. Een methode moet zo’n tien jaar meegaan, dat is lang als hij niet bevalt. De meeste taalmethodes dekken de kerndoelen al, betoogt Stoeldraijer. Dus waarom een aparte methode voor Begrijpend Lezen? Leerlingen hebben er vaak een hekel aan, en veel leerkrachten ook. Een andere leesmethode leidt niet tot betere resultaten. Het is de vraag of Begrijpend Lezen wel een apart vak moet zijn.
Toetsbekwaam Leerlingen moeten wel een citotoets Begrijpend Lezen afleggen. Maar wie de opdrachten goed bekijkt, ziet dat het niet gaat om het toepassen van leesstrategieën, maar om kennis van de wereld. Daarnaast is rust en toewijding van belang voor het goed maken van een toets. Het hulpboek van cito doorwerken maakt de kinderen ‘toetsbekwaam’. Spreek met elkaar af wat je op school doet aan Begrijpend Lezen. Op veel scholen wordt Begrijpend Lezen toegepast in de zaakvakken, zodat er tegelijk transfer kan plaatsvinden.
Niet remediëren Andere aanbevelingen: Lees de tekst niet één keer, maar minstens drie keer (voorlezen, koorlezen en – individueel - doorlezen). Ga niet remediëren bij slechte lezers, maar verbeter hun woordenschat en vergroot hun kennis van de wereld. Gebruik Nieuwsbegrip: daarvan zijn de teksten actueel.
Toetsgegevens Aan toetsgegevens kun je zien welke kinderen wel en welke niet goed scoren, welke achterstanden er zijn en welk leerrendement. Maar vaak zijn de uitkomsten geen verrassing voor de ervaren leerkracht, betoogt Carla van Deelen van het Seminarium voor Orthopedagogiek van Hogeschool Utrecht. Zij verzorgt een presentatie over Toetsgegevens en leerkrachthandelen. Toetsen laten ook veel niet zien. Toetsen zijn talig en eenzijdig, ontwikkelingsaspecten worden geïsoleerd in plaats van in samenhang bekeken, en niet alles wat van invloed is – heeft het kind ontbeten? Heeft het last van faalangst? - wordt verdisconteerd.
Interpretatie Toets daarom wat je niet ziet, adviseert Carla. Kijk naar de kinderen als je ze een opdracht geeft, vraag kinderen hoe ze zich voelen. Ga in gesprek met ouders. Ouders schrikken als je met slechte toetsresultaten komt, maar als je ze in een vroeg stadium meeneemt kunnen ze beter meedenken. Wees je ook bewust van eigen waarden en normen. Hoeveel van je observatie is in feite interpretatie? Wat zie je, wat denk je, wat voel je en hoe reageer je vervolgens? Weet dat dat onaantrekkelijke kind je affectie en aandacht broodnodig heeft!
Stapje opzij Als leerkracht, als pedagoog, kun je het stapje opzij doen waardoor je wel aansluiting krijgt met een kind, betoogt Carla. Als een kind de woordjes met luisteren en lezen niet leert, laat ze dan stappen of zingen. Cluster kinderen die dezelfde achterstanden hebben, kinderen kijken graag naar elkaar en leren van elkaar. Dat is ook het succes van de Ralfi-methode voor leren lezen: herhalen en lezen in een groep.
Doelgericht Als leerkracht moet je doelgericht te werk gaan. Je moet weten wat je bereiken wilt en wanneer je het bereikt hebt, en wat je doet als het niet lukt. Ga daarbij niet fragmentarisch te werk. Neem een thema bij de kop en buit het uit. Gebruik de motorische aspecten, de talige, de muzikale, enzovoort. Kinderen verschillen van elkaar. Stel je de vraag hoe je daa tegenaan kijkt, en biedt ruimte voor die verschillen.
Aan de slag De bedoeling van deze studiedag is vooral het opdoen van kennis, zegt taalcoördinator Bregje van der Vlist. Op de vorige studiedag in januari stond woordenschat centraal. Daarmee is inmiddels een slag gemaakt. Nu komen andere aspecten aan bod, zoals Begrijpend Lezen. De theorie zal vertaald moeten worden naar de praktijk. Op de volgende studiedag zullen leerkrachten de ervaringen hiermee bespreken.
Pilots Taalbeleid Onderwijsachterstanden, november 2008
|