Pastoor van Arsschool in Arnhem
Heldere afspraken
Op de Pastoor van Arsschool in Arnhem hoef je ze niets te vertellen over het belang van taal- en leesonderwijs. Dit staat al vijftig jaar hoog op de agenda. ‘Meedoen aan de taalpilots maakt ons er wel weer opnieuw bewust van.’
‘Het is jammer dat het weer een project is en maar drie jaar duurt’, zegt directeur Michel Kuenen van de Pastoor van Arsschool in Arnhem. ‘Eigenlijk zouden er structureel middelen moeten komen voor scholen met veel leerlingen met taalachterstanden.’ Maar Kuenen is wel blij met de extra middelen die zijn school via de taalpilots ontvangt. ‘Daarnaast hebben we een schakelklas ingericht. Daar krijgen we van de gemeente ook extra financiering voor.’
Herijking Na de herijking van de gewichtenregeling in 2006 ging de school er financieel op achteruit. ‘Er moest een leerkracht weg. Maar we willen graag het taalbeleid doorzetten. Voor de schakelklas hebben we een onderwijsassistent kunnen inzetten, en van het geld van de taalpilots hebben we nieuwe leesmethodes kunnen aanschaffen.’
Vogelaarwijk Sinds september 2007 maakt de Pastoor van Arsschool deel uit van de in een nieuw gebouw gehuisveste Brede School. Ook een openbare school, een kinderdagverblijf, een crèche, een wijkcentrum, een logopedist en een sporthal maken deel uit van De Spil, zoals de Brede School is genoemd. ‘De wijk waarin de school staat is een aandachtswijk, een Vogelaarwijk. We hebben te maken met werkloosheid, een grote allochtone populatie, veel achterstanden. De Brede School is onderdeel van de aanpak.’ De wijk wordt uitgebreid met nieuwbouw. ‘Over tien jaar is deze Brede School echt de spil van de wijk. We zitten nu aan de rand, maar er worden nieuwe koopwoningen neergezet, zodat het karakter van de wijk en van onze populatie zal veranderen. Daar moeten we op anticiperen door meer te differentiëren in ons onderwijs.’
Heldere tussendoelen Voor de onderbouw, groep 1 tot en met 4, is een duidelijke lijn afgesproken, met heldere tussendoelen. ‘Voorheen hadden we niet precies afgesproken wat kinderen aan het eind van groep 2 moeten kennen en kunnen. Dat is nu wel zo. Aan het eind van groep 2 kent 95 procent van de kinderen vijftien letters. Dat is het doel, daar kan de leerkracht van groep 3 op rekenen. Lukt dat niet, dan moet dat worden besproken.’
Proefjaar Dit schooljaar is voor de schakelklas in groep 2 en 3 een proefjaar. ‘De onderwijsassistent ondersteunt de groepsleerkracht. De twaalf kinderen met een taalachterstand krijgen acht uur in de week extra taal- en leesondersteuning.’ Met succes: de herfstsignalering wees uit dat alle kinderen een grote vooruitgang hadden geboekt. ‘Specifieke begeleiding heeft dus zin.’ Volgend schooljaar zullen alleen kinderen uit groep 2, die een taalachterstand hebben, extra ondersteuning krijgen via de deeltijdschakelklas.
Leesplezier De taalpilot betekent niet dat er nieuwe dingen worden ingevoerd. Wel wordt het taalonderwijs verder geïntensiveerd. ‘Voor groep 3 hebben we Veilig Leren Lezen aangeschaft. De leerkracht van groep 3 wordt begeleid in het gebruik hiervan door iemand van onderwijsbegeleidingsdienst Marant.’ In groep 4 wordt sinds het begin van het schooljaar gelezen met Leesestafette. Ook de invoering hiervan wordt begeleid door Marant. ‘Een andere plan dat we dit jaar willen uitvoeren is het verruimen van het aanbod in de schoolbibliotheek. Als je het leesplezier wilt vergroten, moet je goed materiaal hebben.’ Binnenkort buigt Kuenen zich met het team over de plannen voor het komende schooljaar.
Uitstel Begrijpend Lezen Kuenen is verantwoordelijk voor het op papier zetten van de plannen en het verantwoorden van de besteding van het geld, maar het hele team is verantwoordelijk voor het uitvoeren van het taalbeleid. Naast reguliere vergaderingen vinden er ook inhoudelijke vergaderingen plaats, waarin de teamleden worden geschoold. ‘We hebben Kees Vernooy uitgenodigd voor een studiemiddag in november 2007. Naar aanleiding van zijn verhaal hebben we besloten volgend jaar het begrijpend lezen in groep 4 met een half jaar uit te stellen. Langer doorgaan met technisch lezen is beter voor taalzwakke kinderen, zegt de theorie, dus dat gaan we in praktijk brengen.’
Met woorden in de weer Omdat de school een neven-instroom-school is geweest, waar veel kinderen van asielzoekers zijn opgevangen, is er in het team veel expertise met taalonderwijs. ‘We hebben jaren geleden al de cursus van Marianne Verhallen gedaan, Met woorden in de weer’, zegt Kuenen. ‘Dat passen we, enigszins aangepast, nog steeds toe. Nieuwe collega’s worden daar zonodig in bijgeschoold.’
Gelaten Kuenen doet zijn best om ouders te betrekken bij het taalonderwijs. Vooral over de schakelklas is gericht met de ouders gecommuniceerd. Daarnaast informeert Kuenen ouders via een nieuwsbrief en een schoolforum, waarin ook ouders zitting hebben. Tot nu zijn de reacties nogal lauw. ‘Ik hoor het ook van andere directeuren. De ouders zijn erg gelaten, ze hebben weinig interesse.’
Succesfactoren ‘We gaan weer bewuster om met taalonderwijs, dat is beslist een positief effect van het deelnemen aan de pilot en de inrichting van de schakelklas,’ zegt Kuenen. ‘Andere succesfactoren zijn de aanschaf van de nieuwe leesmethoden en het inzetten van specifieke ondersteuning voor zwakke lezers. Ook de competentievergroting van leerkrachten draagt bij aan het succes, en het vergroten van het leesplezier.’
Pilots Taalbeleid Onderwijsachterstanden, februari 2008
|
|