Basisonderwijs  
Taalpilots
Meer en beter woorden leren

Marianne Verhallen

Woorden met een ‘hoge woordwaarde’ aanbieden, daar gaat het om bij woordenschatonderwijs. Woorden die een groot kennisgebied bestrijken, zoals aanduidingen van een categorie. "Wanneer de context bekend is, pikken kinderen makkelijk nieuwe woorden op. Als je het woord ‘rivier’ uitlegt, neem dan ook de woorden ‘stroom’ en ‘oever’ mee.”
Een interview met Marianne Verhallen.



“Er zijn twee manieren waarop je woorden leert”, legt Marianne Verhallen uit. Marianne is de auteur van de brochure Meer en beter woorden leren. “Je kunt woorden expliciet uitgelegd krijgen, of je pikt ze op door begrijpend luisteren en begrijpend lezen. Een kind kan vanaf groep 5/6 door te lezen wel 2000 woorden per jaar leren. Als je in de klas expliciet twintig woorden per week inoefent en je zorgt voor een goede context, met taalrijke activiteiten en prentenboeken in de onderbouw en een doorgaande lijn naar begrijpend lezen en zaakvakteksten in de bovenbouw, dan vergroot je op een effectieve manier de woordenschat van kinderen. Je moet goed uitkiezen welke woorden je aanbiedt. Dat moeten woorden zijn met een ‘hoge woordwaarde’, bijvoorbeeld woorden die een categorie aanduiden. Als je weet wat een roofdier is, dan heb je een kapstokje in je hoofd waar je supersnel nieuwe woorden, zoals bijvoorbeeld ‘hyena’ aan op kunt hangen.”

Robuust
Wie op die manier te werk gaat, is niet overdreven veel tijd kwijt. “Op een ‘robuuste’ manier een woord behandelen kost ongeveer vijf minuten tijd. Met ‘robuust’ bedoelen we de drie uitjes: uitbreiden, uitleggen en uitbeelden, en het laten inoefenen door de leerling. Daarmee bouw je een netwerk. Het gaat erom dat je abstracte structuren aanlegt, die hebben kinderen niet vanzelf. Bij het woord ‘magneet’ leer je ook ‘aantrekken’ en ‘afstoten’. Bij het woord ‘rivier’ leer je ook ‘stromen’ en ’oever’. Maar zo hoef je niet alle woorden te behandelen. Als het woord ‘verontreinigen’ langskomt, hoef je alleen maar te zeggen ‘vuil maken’. Dat concept is wel bekend bij kinderen: dan is het een kwestie van aanhaken.”





Mooie plaatjes
Leerkrachten willen nog wel eens veel tijd besteden aan de voorbereiding. “Natuurlijk kost het tijd in het begin, het is een nieuwe manier van werken. Maar later gaat het geroutineerd, net als met autorijden, dan ben je ook niet meer steeds bewust bezig de koppeling te laten opkomen. Zo kun je tussen neus en lippen door even een woord verklaren, als je maar zorgt dat je het woord steeds vervlecht in wat je zegt.” Ook het maken van ‘woordwebben’ of ‘woordparachutes’ mag niet veel tijd kosten. “Het hoeft echt niet allemaal met mooie plaatjes. Maar leerkrachten hebben er wel ondersteuning bij nodig. Zowel bij het begin als later, als het steeds meer dagelijkse routine wordt. En dat moet, als we willen dat een kind op twaalfjarige leeftijd zo’n 17.000 woorden kent.”

Toetsen
Op methodeonafhankelijke toetsen halen kinderen, ook na intensief woordenschatonderwijs, pas op langere termijn hoge scores. “Wij zouden ook geen woordenschattoets van het zeventiende-eeuwse Nederlands kunnen maken, als je nooit teksten uit die tijd hebt gelezen”, zegt Marianne. “Woorden die je nooit bent tegengekomen ken je niet. Maar hoe slimmer de leerkracht woorden aanbiedt, hoe meer een kind kan oppikken, hoe meer kans op hoge scores. En uiteindelijk is het belangrijker hoe het kind scoort op Cito Eindtoets. Daarvoor moet wel elke leerkracht in het team meedoen.” Dan zal een school als geheel na een jaar of drie vooruitgang zien op de onafhankelijke toetsen. “Dat is het succes van de school, niet van individuele leerkrachten. Leerkrachten zien hun inspanningen beloond als kinderen nieuwe woorden daadwerkelijk gebruiken, of enthousiast tegen je zeggen dat ze de héle tekst hebben begrepen. Dat is directe winst op de korte termijn. Ook de methodegebonden toetsen zijn goed voor de motivatie van de leerkracht. Want op die toetsen gaan de scores wel meteen omhoog.”

Projectbureau Kwaliteit, februari 2010


Meer en beter woorden leren [PDF 3355 Kb ]
© Projectbureau Kwaliteit | Disclaimer | Contact